Omzetting boekhoudrichtlijn: wijzigingen jaarrekening kleine vennootschappen

Omzetting boekhoudrichtlijn: wijzigingen jaarrekening kleine vennootschappen

Door de omzetting van de boekhoudrichtlijn is de belangrijkste boekhoudkundige hervorming van de afgelopen 40 jaar een feit. Een wet en een uitvoeringsbesluit van 18 december 2015 zorgen voor nieuwe regels voor kleine vennootschappen. Zo verminderen het aantal vereiste gegevens in de toelichting bij het verkorte schema van de jaarrekening. Met die nieuwe regels moet rekening worden gehouden voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2016.

Door de omzetting van de boekhoudrichtlijn is de belangrijkste boekhoudkundige hervorming van de afgelopen 40 jaar een feit. Een wet en een uitvoeringsbesluit van 18 december 2015 zorgen voor nieuwe regels voor kleine vennootschappen. Zo verminderen het aantal vereiste gegevens in de toelichting bij het verkorte schema van de jaarrekening. Met die nieuwe regels moet rekening worden gehouden voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2016.

Kleine vennootschappen kunnen hun balans, resultatenrekening en toelichting opstellen in verkorte vorm, op voorwaarde dat zij niet genoteerd zijn.

Schema van de balans in het verkorte model van de jaarrekening

De oprichtingskosten maken geen deel meer uit van de vaste activa, maar vormen een afzonderlijke rubriek binnen het actief van de balans naast de vaste activa en vlottende activa.

De rubriek 'VII.A. Voorzieningen voor risico's en kosten' wordt uitgebreid met vijf nieuwe  onderrubrieken:
1. Pensioenen en soortgelijke verplichtingen
2. Belastingen
3. Grote herstellings- en onderhoudswerken
4. Milieuverplichtingen
5. Overige risico's en kosten

Schema van de resultatenrekening in het verkorte model van de jaarrekening

Het verkorte model van de resultatenrekening wordt aangepast omdat de rubrieken over de uitzonderlijke resultaten worden afgeschaft (zie ook volledig schema).

Er wordt een 'rubriek III.A. Kapitaal- en interestsubsidies' onder de financiële opbrengsten toegevoegd.

In de resultaatverwerking worden de over te dragen winst en het over te dragen verlies voortaan op een aparte lijn vermeld. Ook het deel van de winst dat de werknemers toekomt, wordt nu afzonderlijk vermeld.

Inhoud van de toelichting bij het verkorte model van de jaarrekening

In de toelichting bij het verkort schema van de jaarrekening vermindert het aantal vereiste gegevens. Naast het schrappen van de sociale balans als verplicht onderdeel van de toelichting (het staat ondernemingen evenwel vrij om deze informatie op vrijwillige basis in hun jaarrekening op te nemen), noteren we volgende wijzigingen:

de 'staat II. met de lijst van de ondernemingen waarin een kleine vennootschap een deelneming aanhoudt en van andere ondernemingen waarin zij sociale rechten aanhoudt die minstens 10% vertegenwoordigen van het geplaatst kapitaal' wordt opgeheven;

de 'staat van het kapitaal' (oude nummering III.) vermeldt enkel nog de eigen aandelen;

de 'staat IV. met betrekking tot de inhoud van de rubriek Voorzieningen voor risico's en kosten' wordt geschrapt;

in de 'staat van de schulden' (oude nummering V.) is het niet meer verplicht om de schulden inzake belastingen, bezoldigingen en sociale lasten te vermelden;

in 'staat VI.' (oude nummering) worden de gegevens over het personeel en de personeelskosten vereenvoudigd en verminderd. Dit geldt ook voor de gegevens over de financiële resultaten (zie 'staat VII.' - oude nummering) en de uitstaande vorderingen op verbonden of geassocieerde ondernemingen (zie 'staat IX.' - oude nummering). Als de jaarrekening van de vennootschap op verschillende niveaus wordt geconsolideerd, dan moeten enkel nog de gegevens voor het kleinste geheel van ondernemingen waarvan de vennootschap als dochter deel uitmaakt en waarvoor een geconsolideerde jaarrekening wordt opgesteld en openbaar gemaakt, in deze staat worden opgenomen.

De toelichting bij het verkort schema van de jaarrekening wordt ook aangevuld:

wat de resultaten van het boekjaar betreft, worden nu ook het bedrag en de aard van de opbrengsten en kosten van uitzonderlijke omvang of uitzonderlijke mate van voorkomen opgenomen, op een meer opgedeelde manier, net zoals deze opbrengsten en kosten in het aangepaste schema van de resultatenrekening onder de niet-recurrente bedrijfs- of financiële resultaten zijn opgenomen;

de niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen worden uitgebreid met een beschrijving van de voorziene aanvullende rust- of overlevingspensioenen van de personeels- of directieleden;

over de uitstaande vorderingen op de bestuurders en zaakvoerders, de in hun voordeel toegestane waarborgen en andere in hun voordeel aangegane verplichtingen, wordt bijkomende informatie gevraagd;

ook informatie over transacties buiten normale marktvoorwaarden (aanpassing staat XI. - oude nummering) moet worden opgenomen.

Als vermeldingen niet dienstig zijn voor het betrokken boekjaar, mogen ze in het verkort schema voor de kleine vennootschappen in de balans, de resultatenrekening en de toelichting worden weggelaten.
Wanneer een vennootschap overschakelt naar een ander jaarrekeningschema (microschema, verkort schema of volledig schema), mag zij als vergelijkende cijfers voor het voorafgaande boekjaar de bedragen die voorkwamen in de jaarrekening over dat boekjaar vermelden.

Impact van het materialiteitsbeginsel

Voor de presentatie in de balans en resultatenrekening wordt het materialiteitsbeginsel ingevoerd. De posten van de balans en van de resultatenrekening die met Arabische cijfers zijn aangeduid, kan men samenvoegen op voorwaarde dat 1° hun bedrag niet van materieel belang is voor het geven van een getrouw beeld van het vermogen, de financiële positie en het resultaat van de vennootschap; of 2° die samenvoeging zorgt voor duidelijkheid en de aldus samengevoegde posten in de toelichting afzonderlijk worden vermeld.

Informatie van 'materieel belang' is informatie waarvan men redelijkerwijze kan verwachten dat de weglating of onjuiste vermelding ervan de beslissingen van een gebruiker op basis van de jaarrekening kan beïnvloeden. Het materieel belang van afzonderlijke posten wordt beoordeeld in de context van andere gelijkaardige posten.